Eindrapportage archeologisch onderzoek (12155.002) Dubbeldamseweg Zuid 187 te Dordrecht

DOI

Gespecificeerde archeologische verwachting bureauonderzoek Op basis van het archeologisch bureauonderzoek kunnen binnen het plangebied archeologische resten en sporen worden verwacht daterend vanaf het moment dat inpoldering van de Groote Waard plaatsvond, vanaf de 11e/12e eeuw. Met een ligging binnen een klei-op-veengebied en op enige afstand van de kleiige oeverwallen (langs de al dan niet verlaten stroomgordels van de Merwede, het Oude Maasje en de Dubbel) moet eerder gedacht worden aan sporen van agrarische bewerking (ploegsporen, aangelegde greppels/sloten) dan aan sporen van bewoningsactiviteiten (huisplaatsen, boerenerven). Ten gevolge van meerdere stormvloeden in de eerste helft van de 15e eeuw (waaronder de St. Elizabethsvloed in 1421) veranderde de Groote Waard in een ondiep estuarium: het Bergsche Veld (de latere Biesbosch). Hier vond vervolgens sedimentatie van het jongste afzettingspak-ket plaats, aangeduid als het Merwededek. Waarschijnlijk vanaf het midden van de 16e eeuw lag het plangebied in een omgeving dat dermate hoog was opgeslibd en waarschijnlijk alleen bij hoog water nog onder water stond (het Eiland van Dordrecht). Nog voor de eerste inpoldering was het plangebied waarschijnlijk al in agrarisch gebruik genomen en waren er in de omgeving al enkele grote hoeves/boerenerven gesticht. Inpoldering vond vanaf het begin van de 17e eeuw opnieuw (gefaseerd) plaats. Het plangebied ligt binnen één van de oudste polders, de Oud Dubbeldamsche polder, welke in 1603 is ingepolderd. Waarschijnlijk direct na de inpoldering is de buitenplaats/hoeve Noordzicht ontstaan, welke vrijwel direct ten zuiden/zuidwesten van het plangebied heeft gelegen. Door het plangebied heeft de toegangsweg tot deze hoeve gelopen, met hierlangs watergangen die gerekend kunnen worden tot het grachtensysteem dat rondom deze hoeve heeft gelegen. Het is dus goed mogelijk dat op/in de top van het Merwededek hieraan gerelateerde resten en sporen kunnen voorkomen.

Er is discussie over of binnen het gebied van het Eiland van Dordrecht er al in de Late-Middeleeuwen een natuurlijke stroomgordel heeft gelopen, aangeduid als de historische Thuredrith. Deze zou volgens de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Dordrecht circa 150 meter ten noordoosten en volgens de archeologische beleidskaart vrijwel direct ten noordoosten van het plangebied hebben gelegen. Resultaten van reeds uitgevoerd archeologisch prospectief onderzoek in de directe omgeving van het plangebied geeft echter geen aanleiding voor de aanwezigheid van een natuurlijke rivierloop. De kaart van Jacob van Deventer van rond 1570 duidt meer op een lokaal riviertje dat verder ten noordwesten van het plangebied lag. Direct langs de noordoostzijde van het plangebied lag waarschijnlijk een door de mens gegraven watergang/sloot.

Resultaten inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) De vanuit de boringen aangetroffen bodemopbouw weerspiegeld een komklei-op-veenlandschap, afgedekt met een Merwededek. Het onderste aangetroffen veenpakket bevindt zich vanaf gemiddeld 330 cm -mv (vanaf circa -3,6 m NAP) en behoort tot het Hollandveen Laagpakket. De top van het veenpakket is kleiig (duidend op een riviersysteem dat op niet al te grote afstand van het plangebied heeft gelegen), echter het ontbreken van een veraarde top duidt op blijvend permanent natte/drassige condities (zeer nat laagveen-/broekbosgebied). Hierboven ligt een laag komklei, wat zeer waarschijnlijk afgezet is tijdens overstromingen van de rivier de Dubbel, welke circa 550 meter ten zuidwesten van het plangebied heeft gelegen. De top (vanaf circa 3,05 m -mv/-3,35 m NAP) bevat iets wat humeus/lichtbruingrijs gekleurde humusvlekken en vormen wellicht een restant van een zwak ontwikkelde vegetatiehorizont of een agrarisch bewerkte oorspronkelijke bodem. Daarmee lijkt deze laag komkleiafzettingen niet tot nauwelijks te zijn aangetast door de 15e-eeuwse stormvloeden.

Het bovenste aangetroffen natuurlijke pakket betreft het Merwededek, bestaande uit gelaagde afzettingen met bovenin vooral matig tot sterk zandige klei en naar onderen toe sterk kleiig zand. Dit pakket bevindt zich tussen 0,40 en 3,05 m -mv (tussen -0,5 en -3,35 m NAP). Bij diverse boringen is in de top de voormalige bouwvoor nog aanwezig, toen het plangebied nog merendeels een agrarisch gebruik kende en het terrein vormde tussen de voorloper van de Dubbeldamseweg Zuid direct ten noordoosten en de hoeve hoeve/boerderij Noordzicht direct ten zuiden/zuidwesten. Voornamelijk ter plaatse van de verharde terreindelen bestaat de bovenste 40 cm uit een ophooglaag van matig fijn zand en brokken zandige klei en cunet-/stabilisatiezand. Deze ophoging heeft waarschijnlijk plaatsgevonden tijdens de realisatie van de huidige inrichting van het terrein.

De voormalige bouwvoor, betreffende de bewerkte top van het Merwededek, bevat plaatselijk een vermenging met enkele fijne brokjes/spikkels baksteenpuin. Een dikker verrommeld pakket tot 120 cm -mv is aangetroffen ter plaatse van boring 2. Het duidt op verstoringen/vergravingen, echter deze kunnen gerelateerd zijn aan activiteiten die in en rondom de hoeve/boerderij van Noordzicht hebben plaatsgevonden. Het kan dus gaan om archeologisch relevante sporen. Daarbij is boring 1 geplaatst daar waar een sloot/watergang heeft gelegen welke deel heeft uitgemaakt van het watergang-/grachtensysteem van de hoeve/boerderij Noordzicht en ook zichtbaar is op (gedetailleerd) historisch kaartmateriaal.

Conclusie Geconcludeerd wordt dat voor het plangebied de kans reëel blijft op het voorkomen van behoudenswaardige archeologische waarden daterend uit de Late-Middeleeuwen en vooral uit de Nieuwe tijd, vanaf het begin van de 17e eeuw (gerelateerd aan de hoeve/boerderij Noordzicht). Door de voorgenomen ingrepen kunnen vooral in situ gelegen archeologische resten en sporen in de top van het Merwededek worden verstoord, welke vooral in de bovenste meter van de bodemopbouw wordt verwacht (direct onder de huidige bouwvoor/bewerkte bovengrond ter plaatse van het tuingedeelte van het plangebied en direct onder de circa 40 cm dikke ophooglaag binnen de verharde terreindelen van het plangebied). De verstoring van het laatmiddeleeuwse niveau onder het Merwededek zal beperkt blijven tot het aanbrengen van funderingspalen. De verstoringsoppervlakte van dit niveau zal dan ook zeer beperkt blijven.

Advies Op grond van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt door Econsultancy de aanbeveling gedaan om binnen het plangebied een vervolgonderzoek te laten uitvoeren. Ter plaatse van de onbebouwde delen van het plangebied zijn recente/moderne bodemverstorende ingrepen beperkt gebleven tot de huidige bouwvoor/bewerkte bovengrond of heeft er alleen ophoging plaatsgevonden. Geadviseerd wordt het vervolgonderzoek te laten uitvoeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek en nadat sloop van de bestaande bebouwing heeft plaatsgevonden en de omliggende terreindelen zijn vrijgemaakt van de bestaande verhardingen/bomen/begroeiing (in ieder geval binnen het toekomstige bouwvlak). Het vervolgonderzoek dient zich te richten op de top van het Merwededek, waarin Nieuwe tijd sporen en resten kunnen worden verwacht. Het laatmiddeleeuwse niveau ligt op een diepte dat ten aanzien van de geplande ontwikkeling alleen in zeer beperkte mate verstoord zal gaan worden door middel van heipalen en gezien kan worden als archeologisch besparen bouwen. Voor het proefsleuvenonderzoek dient een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programma van Eisen te zijn opgesteld, waarin is vastgelegd waaraan het onderzoek moet voldoen.

Identifier
DOI http://dx.doi.org/doi:10.17026/dans-26v-a2bc
Metadata Access https://easy.dans.knaw.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=oai:easy.dans.knaw.nl:easy-dataset:179788
Provenance
Creator Broeke, E.M. ten
Publisher Econsultancy
Contributor Broeke, E.M. ten;ir. E.M. ten Broeke (Econsultancy)
Publication Year 2020
Rights info:eu-repo/semantics/restrictedAccess;License: http://dans.knaw.nl/en/about/organisation-and-policy/legal-information/DANSLicence.pdf
Contact Broeke, E.M. ten;Econsultancy;ir. E.M. ten Broeke (Econsultancy)
Representation
Language Dutch
Resource Type Text
Format application/pdf;.pdf
Coverage
Discipline Archaeology
Spatial Coverage {" "}
Temporal Coverage {2020-07-31,2020-07-31,2020-07-31,2020-07-31}