Gemeente Westland, Plangebied Coldenhovelaan 8 te De Lier Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase)

DOI

Binnen het plangebied zelf zijn geen archeologische bekende archeologische waarden aanwezig. Op circa 200 m te noordoosten van het plangebied is een terrein met sporen van bewoning uit de ijzertijd en Romeinse tijd geregistreerd. Een opeenvolgende rij paalgaten en aardewerk in veraard veen verwijst naar een geërodeerde nederzetting uit de ijzertijd. Gedurende de verlandingsfase in de Romeinse tijd is er sprake van bewoning op de oeverwallen van een geul. Tenminste drie bewoningsfasen, bestaande uit huisplaatsen en erven, zijn aanwijsbaar. Na vernatting vanuit het binnenland, veroorzaakt door problemen met de afvoer van overtollig water naar zee, lijkt de bewoning in de late 3de eeuw na Christus te zijn afgebroken.

Het plangebied is in de 15e eeuw ingepolderd. Tot dan is de bodem in een dynamisch milieu ontstaan door enerzijds invloeden vanuit de zee en anderzijds invloeden vanaf rivieren, met tussentijds veengroei. Veen wordt echter binnen zes meter beneden maaiveld niet verwacht. Vanuit de invloeden van de zee zijn verschillende geologische afzettingen gevormd: de Hoekpolder Laag (circa 1500-850 voor Chr.), de Gantel Laag (circa 300-50 voor Chr.) en de Laag van Poeldijk (circa 1100-1300 na Chr.). De sedimenten bestaan afwisselend uit zand en kleilagen.

Aan het plangebied is een hoge verwachting toegekend voor archeologische waarden (nederzettingsresten, e.d.) uit met name de ijzertijd, Romeinse tijd en middeleeuwen. Vondsten uit de steentijd en bronstijd worden niet verwacht omdat het gebied te nat was voor bewoning. In de nieuwe tijd, nadat de Laag van Poeldijk is afgezet, is het gebied ingepolderd en was het in gebruik als bouw- of grasland.

Uit het veldonderzoek blijkt dat de grond in het plangebied is afgedekt met Stelconplaten en stabilisatiezand. Bij de aanleg van deze verharding is de oorspronkelijk bovengrond verwijderd en vervolgens afgedekt met doek. De oorspronkelijke bodem bestaat voor het grootse deel uit kalkarme klei dat met een scherpe grens overgaat in kalkrijke afzettingen. Vanaf circa 1,5 m –mv is zand aangetroffen dat doorloopt tot minimaal 3,5 m –mv. In het zuidelijke deel is op circa 1 m –mv een 10 à 15 cm dikke begraven A-horizont aangetroffen. Deze laag is mogelijk te correleren aan het veraarde veen met sporen uit onder meer der ijzertijd dat op circa 200 m ten noordoosten van het plangebied is aangetroffen.

Identifier
DOI http://dx.doi.org/doi:10.17026/dans-zh5-rsqk
Related Identifier 10.17026/dans-zce-hufh
Metadata Access https://easy.dans.knaw.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=oai:easy.dans.knaw.nl:easy-dataset:77574
Provenance
Creator Bergman, W.A.
Publisher BAAC bv
Contributor BAAC bv
Publication Year 2020
Rights info:eu-repo/semantics/openAccess;License: http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
Contact BAAC bv
Representation
Language Dutch
Resource Type Text
Format application/pdf
Discipline Archaeology
Spatial Coverage {" "}
Temporal Coverage Begin 2018-01-15T11:59:59Z
Temporal Coverage End 2020-01-15T11:59:59Z