Odijk, Defensieweg - Burgweg (voormalig MOB-complex) Odijk, Defensieweg - Burgweg (voormalig MOB-complex)

DOI

ADC ArcheoProjecten heeft een Archeologische Begeleiding (conform protocol Opgraven) uitgevoerd op de locatie Odijk, Defensieweg-Burgweg (voormalig MOB-complex) in de gemeente Bunnik. De Archeologische Begeleiding behelsde het toezicht houden op het verwijderen van de stobben van de bomen en het ontgraven van een watercompensatiebassin (ca. 2.000 m2 tot een maximale diepte van 2,5 m -mv). Het gehele plangebied heeft een oppervlakte van ca. 3.000 m² en loopt richting het zuiden in een punt toe. Het was onderdeel van het voormalig MOB (Motoren, Onderhoud en Brandstof) complex van defensie en bevindt zich in de uiterste noordwest hoek van het complex. Hier wordt het in het noorden en oosten begrensd door verhard terrein en een gronddepot en ten westen van het plangebied bevindt zich een strook met bosschage. Vooronderzoek wees uit dat er op het voormalig MOB-complex aan de Defensieweg-Burgweg een nederzettingsterrein uit de Romeinse tijd gelegen is dat georiënteerd is op een zogenaamde restgeul ten westen daarvan. Van de nederzetting is alleen het zuidelijke deel aangetroffen. Gezien de lage spoordichtheid en het ontbreken van herkenbare structuren lijkt het aangetroffen deel van de nederzetting niet tot de kern te behoren. Eerder is de rand van de nederzetting aangesneden. De ligging van een mogelijke waterput wijst ook in die richting. De rest van de nederzetting ligt ten noorden van het plangebied en valt samen met een reeds bekend terrein van hoge archeologische waarde (AMK-terrein 2223). Het huidige onderzoek richt zich op de westzijde van de bekende vindplaats en met name op de plek waar deze fysiek begrensd wordt door de restgeul. In tegenstelling tot de verwachting zijn er tijdens de begeleiding geen grondsporen aangetroffen die in de Romeinse tijd zijn te dateren. Wel zijn er zogenoemde off site sporen uit de Nieuwe tijd aangetroffen. Het gaat hier om greppels en sloten. Deze sporen zijn uitgegraven in de aanwezige restgeul. Om te achterhalen of de restgeul tijdens de Romeinse tijd watervoerend is geweest, en daarmee een belangrijke rol gespeeld kan hebben voor de nabij gelegen nederzetting, is getracht haar oudste vullingen te dateren. Dit onderzoek heeft aangetoond dat de eerder genoemde restgeul tijdens de Vroege IJzertijd is verland. De binnen het huidige onderzoeksgebied (het daadwerkelijk begeleide areaal, ca. 640m2) aangetroffen resten van een oude restgeul vormde als depressie een drassige zone die de eerdergenoemde nederzetting aan haar westzijde begrensd zal hebben. De rest van de nederzetting ligt ten noorden van het plangebied en valt samen met een reeds bekend terrein van hoge archeologische waarde (AMK-nr. 2223). De exacte omvang van deze nederzetting is echter nog niet bepaald, maar deze loopt in ieder geval door buiten de grenzen van het bestaande MOB-complex. Op basis van de hoeveelheid en aard van de aangetroffen sporen is in overleg met de Omgevingsdienst regio Utrecht1 besloten de archeologische begeleiding te staken. Voor het noordelijke deel van het gebied dat in juli 2006 is onderzocht doormiddel van proefsleuven is het advies uitgebracht om ten aanzien van toekomstige ontwikkelingen dezelfde restricties te laten gelden als voor het AMK-terrein. Tevens werd destijds geadviseerd de begrenzing van het AMK-terrein op basis van de uitkomsten van het proefsleuvenonderzoek van 2006 aan te passen. In de rest van het onderzochte MOB-complex zijn geen sporen aangetroffen, maar dit betekent niet dat dit deel geen archeologische waarde heeft. Vermoedelijk heeft direct buiten het eigenlijke nederzettingsterrein de periferie gelegen. Hier vonden wel degelijk activiteiten plaats, maar deze zijn vaak moeilijk te traceren door middel van een proefsleuvenonderzoek. Voor de perifere zone gelden ten aanzien van toekomstige ontwikkelingen geen restricties. Het is echter raadzaam 1 Vertegenwoordigd door de heer R. Torremans. 6 toekomstige gebruikers te wijzen op de meldingsplicht ten aanzien van archeologische sporen of vondsten, zodat eventuele (ambachtelijke) activiteitenzones in kaart kunnen worden gebracht.

Identifier
DOI http://dx.doi.org/doi:10.17026/dans-zhn-nm9r
Metadata Access https://easy.dans.knaw.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=oai:easy.dans.knaw.nl:easy-dataset:158415
Provenance
Creator Ruiter, A.A.T
Publisher ADC ArcheoProjecten
Contributor Utrecht;ADC ArcheoProjecten
Publication Year 2020
Rights info:eu-repo/semantics/openAccess;DANS License
Contact Utrecht;ADC ArcheoProjecten
Representation
Language Dutch
Resource Type Dataset
Format ms word document 2003;mapinfo tab;jpeg;xml;xls;docx;pdf;sql;ms access 2003
Coverage
Discipline Archaeology
Spatial Coverage {" "}
Temporal Coverage Begin 2019-07-01T11:59:59Z
Temporal Coverage End 2020-04-09T11:59:59Z